Louise Amand (29) is een Belgische activiste die zich inzet voor de bescherming van de Cerrado, een savanne in Brazilië die instaat voor 5% van de globale biodiversiteit. Ondertussen is ongeveer de helft van de Cerrado verdwenen door ontbossing. Ik spreek Louise naar aanleiding van het International Union for Conservation of Nature (IUCN) Congres waar ze samen met Wervel naartoe trekt om aandacht te vragen voor de tragiek van de Cerrado. 

Vanwaar komt je passie voor de Cerrado?

Ik groeide op in België en Frankrijk, waar ik communicatie studeerde. Op mijn zeventiende reisde ik voor een eerste keer naar de de Cerrado in Brazilië en stond er versteld van de pracht van de natuur. Toen ik later terugging was ik echter geschokt door de transformatie: ontzettend grote natuurgebieden waren in droge grond of landbouwgrond voor monoculturen veranderd. 

Door mijn studies in Louvain-la-Neuve ontwikkelde mijn betrokkenheid zich verder. Ik maakte mijn communicatiestudies af en specialiseerde me vervolgens in Population and development, om projecten en natuurlijke hulpbronnen (water, biodiversiteit, zon) te beheren.

Op mijn drieëntwintigste verhuisde ik naar Brazilië en realiseerde me dat onze cultuur en eetgewoonten de belangrijkste redenen zijn voor de ontbossing in de Cerrado. Ik vond het vreselijk om te zien hoe er op zo’n grote schaal natuur verwoest wordt. Toen ontstond mijn drang om daar iets aan te doen. Ik wilde mij inzetten om voedselproductie en natuurbehoud te verzoenen. Want dat is absoluut mogelijk!

Je kwam in contact met methodes van agro-ecologie en agroforestry, waarmee landbouw en natuurbehoud, zelfs natuurherstel samen kan gaan. Waar leerde je die methodes kennen?

Een deel achtergrond had ik al mee door mijn studies. Een ander deel ontdekte ik samen met mijn man Diogo, die ik in Brazilië leerde kennen. Toen we elkaar voor het eerst ontmoetten, was hij nog een conventionele boer. Maar geleidelijk aan schakelde hij over naar een agro-ecologische aanpak. Hij opende mee mijn ogen over hoe intelligent de natuur is.

Hij kwam eens ’s nachts hevig hoestend terug van zijn akkers waar hij, zoals zoveel boeren, pesticiden op had gespoten. Dat kon niet gezond zijn. Op dat moment besloot hij het anders te gaan doen. Zijn vader, die het land al zeventien jaar op dezelfde manier bewerkte, was eerst zeer sceptisch. Diogo en zijn broer kregen een klein, moeilijk handelbaar stuk grond om nieuwe agro-ecologische methodes op toe te passen. Het was een moeilijke transitie die vier à vijf jaar duurde.

Maar daarna begon iedereen er de voordelen van in te zien. Het moeilijk handelbare stuk grond werd weer vruchtbaar door landbouw te combineren met het planten van verschillende bomen en struiken op hetzelfde terrein. Die aanpak was wél duurzaam en beter voor gezondheid en natuur. Zelfs Diogo’s vader veranderde van gedachten en ze breidden hun aanpak uit over heel de boerderij ter grootte van vijf hectare. De boerderij werd omgedoopt tot CSA (community supported agriculture) Pé na terra en produceert nu wekelijks ongeveer 60 manden biologisch voedsel en levert banen voor zes personen. Pé na terra is een oase middenin gigantische droge landbouwgronden bewerkt met pesticiden.

En zo gaan we terug naar de problematiek van de de Cerrado, wat is daar aan het gebeuren? 

Je moet weten dat de Cerrado een macro-ecosysteem is, een gigantisch grote savanne (1/4e van Brazilië, bijna  twee miljoen km²). Het is een hotspot van biodiversiteit, verbonden met verschillende andere ecosystemen zoals het Amazonewoud, Caatinga, het Atlantisch Woud  en Pantanal. Het is een omgekeerd bos, niet zo hoog maar de wortels onder de grond reiken zeer diep. de Cerrado is goed voor vijf procent van de wereldwijde biodiversiteit. En dat gebied is nu al voor ongeveer de helft vernietigd voor grootschalige landbouwpraktijken.

Op de ontboste gebieden worden gewassen als sojabonen, katoen en maïs geteeld. Een deel voor Braziliaanse consumptie maar het grootste deel is voor de export, voornamelijk naar Azië en Europa. De sojabonen worden in Europa gebruikt om dieren te voeren omdat het rijk is aan eiwitten. 

In heel Brazilië wordt een gebied ter grootte van Oostenrijk gebruikt enkel en alleen om sojabonen te telen. Daarnaast gebruiken ze in Brazilië pesticiden die in Europa verboden zijn, maar wel in Europa geproduceerd en geëxporteerd worden.  En toch laten we die producten naar hier komen. Triest, toch?

Veel mensen weten van de ontbossing van het Amazonewoud en komen al jaren in actie om het te beschermen. Waarom is de snellere achteruitgang van de Cerrado veel minder bekend?

Misschien omdat de Cerrado er wat minder impressionant uitziet dan het Amazonewoud? Bij die laatste zie je de pracht van de natuur in één oogopslag, bij de Cerrado zit de natuurlijke rijkdom vooral onder de grond. De vraag is ook: hoe herken je schoonheid in iets dat er ‘oud’ uitziet? 

Dat is het trieste aan de Cerrado: het is een enorm belangrijk ecosysteem maar verdwijnt nu sneller dan het Amazonewoud, ook omdat het gebied minder beschermd is. En zo is er een tragische achteruitgang op vele vlakken: de biodiversiteit, de bodemkwaliteit, de watervoorziening. Wist je dat de Cerrado de watertoren van Brazilië wordt genoemd? Het is de waterbron voor veel andere ecosystemen. In normale staat zorgt de vegetatie van de Cerrado met zijn diepe wortels ervoor dat immens veel water in de grond vastgehouden en gezuiverd kan worden. In het droge seizoen valt er geen regen en is het droger dan in de Sahara. Die functie is dus erg belangrijk om woestijnvorming te voorkomen. Maar dat gaat nu allemaal verloren als er niets verandert.

Hoe kom jij in actie om hier verandering in te brengen? Lijkt me niet evident.

Samen met Wervel stelden we het Cerrado Manifest op. We roepen zoveel mogelijk mensen en organisaties op om het Manifest te ondertekenen. Daarmee wijzen we de EU en België op hun verantwoordelijkheden: ze moeten meer inspanningen doen om de afhankelijkheid van proteïne-import te verminderen en meer lokale en duurzame vormen van voedsel en landbouw stimuleren. Tegelijkertijd kunnen alternatieve Braziliaanse markten verkend worden die duurzame producten aanbieden, geproduceerd door gemeenschappen en bedrijven die de rijkdom van hun landschappen en culturen in stand houden.

Daarnaast ga ik nu, samen met Luc Vankrunkelsven van Wervel, naar het International Union for Conservation of Nature and Natural Resource (IUCN). Het IUCN kan je zien als de VN voor milieu- en natuurbehoud. Van 3 tot 11 september organiseren ze een internationale conferentie in Marseille en daar gaan we afgevaardigden van overheden, bedrijven en andere natuurbeschermingsorganisaties wijzen op de problematiek in de Cerrado en de dringende nood aan actie.

En dan is er nog mijn documentaire ‘Pé na terra/Voeten op de aarde’. Die documentaire brengt het tragische lot van de Cerrado in beeld maar toont ook dat er hoop is, met ‘CSA Pé na terra’ als mooi voorbeeld.

Vertel eens wat meer over die documentaire. Hoe is ‘Pé na terra’ tot stand gekomen?

Ik had je verteld dat ik na mijn studies verhuisd was naar Brazilië en enorm geschokt was door de vernietigende werking van de industriële landbouw. Tegelijk leerde ik dankzij ‘Pé na terra’ het enorme potentieel voor nieuwe agro-ecologische methodes kennen.

Al snel wilde ik andere mensen inspireren met het verhaal van ‘Pé na terra’. Hoe de biodiversiteit er heropleeft door de combinatie van 55 verschillende boomsoorten, hoe de boeren veel minder met machines werken, hoe ze van elkaar leren en weer voedsel produceren voor mensen in plaats van voor vee in andere werelddelen,… Een video laat zoveel meer zien dan als ik die zaken mondeling vertel.

Het was een lang traject met weinig middelen. Wervel heeft me wel goed ondersteund via crowdfunding, via hun contacten en met hun expertise over de Cerrado. Met ‘Pé na terra’ wilde ik vooral overbrengen hoe de Cerrado aanvoelt. En die opzet vind ik wel geslaagd. De video heeft nu sinds kort ook een Creative Commons-licentie, dus iedereen kan de documentaire vertonen waar en wanneer ze dat willen. 

Nog een laatste vraag: wat is de oplossing voor de Cerrado? Welke stappen moeten nog gezet worden?

Natuurlijk zou het goed zijn als zoveel mogelijk mensen het Cerrado Manifest ondertekenen. Maar we zouden ook onze eetgewoonten moeten aanpassen. De grote industrie heeft zoveel macht dat boeren en zelfs overheden vaak moeilijk verandering kunnen brengen. Als eters zijn we allemaal consumenten. Hoe meer we overschakelen op lokale, ecologische en faire voeding, hoe meer impact we hebben.

Je kan nog vlees eten, maar liefst met mate. En wie goedkoop vlees eet, zou moeten beseffen dat de kosten ergens anders liggen. Daarmee importeer je ontbossing, belast je het milieu en maak je soms zelfs slavernij en kinderarbeid mogelijk. Dat weten veel mensen niet.

Ook overheden moeten hun verantwoordelijkheid opnemen. Door meer regelgeving op te stellen en in te zetten op traceerbaarheid van producten bijvoorbeeld. Zodat mensen weten vanwaar hun steak komt of met welk voer de koe is gevoerd voordat ze aankopen doen. Ze zouden belastingen kunnen invoeren op sojabonen. Als het voor boeren goedkoper is om geïmporteerde soja aan hun beesten te voeren, waarom zouden ze dan naar andere oplossingen zoeken?

Tot slot, kunnen ook de boeren hier verandering brengen. Door meer agro-ecologische methodes toe te passen, door af te stappen van de afhankelijkheid van pesticiden en geïmporteerde soja. Maar dat is geen evidente transitie omdat boeren vaak vastzitten in de gangbare winstlogica. Daarom moeten we hen daar als samenleving in ondersteunen.