We zijn als Belgen trots op onze frituren. Wat waren we blij dat ze ook tijdens de coronacrisis open mochten blijven. Toen we hoorden dat we de aardappelboeren moesten steunen omdat de mondiale vraag naar de gouden staafjes was ingestort gingen we meer dan eens naar de frituur. Maar het proefde minder lekker. Onze geliefde garnaalkroketten bevatte nog minder garnalen dan gewoonlijk omdat de Marokkaanse garnalenpellers hun werk niet meer konden doen. “Doe dan maar een vleeskroket”, vroegen we de lieve frituuruitbater, daarna hoorden we de verhalen van de mensonterende arbeidssituatie in de Duitse vleesindustrie. Het lag allemaal zwaar op onze maag en toen moest Sven Neys nog tussenbeide komen (DS 24/6/2020). ‘We moeten dringend lessen trekken uit de coronacrisis, we moeten strijden tegen obesitas’. Samen met wetenschappers had hij 10 tips om een gezonder dieet te promoten, goedkoper gezond voedsel en duurder ongezond was er ééntje van. 

De frieten smaakten helemaal niet meer.

Ruben Mooijman (DS 27/6/2020) vindt niet dat we gezond eten goedkoper moeten maken dan ongezond. Het is al zo stelt hij: linzen zijn goedkoper dan vlees, gekookte aardappelen zijn goedkoper dan diepvriesfrieten.  Toch zorgt dit er niet voor dat we linzen met gekookte aardappelen eten in plaats van een vleeskroket met frieten. Ruben vindt zijn heil bij de nutriscore. Met een verkeerslichtensysteem kom je te weten of hoe (on)gezond je aankopen zijn.  

Ik moet bekennen,  ik eet vaak door het rode licht: ik weet dat een pak koekjes minder gezond is dan een pak fruit, maar om 22u eet ik niet de fruitmand leeg, maar een zakje chips, of laten we een kat een kat noemen, een grote zak chips.
Hoe komt dat? 

Er is een strijd gevoerd om onze smaakpapillen. Voedselwetenschappers hebben ze onderzocht en weten hoe ze de perfecte smaakbom kunnen maken waarbij we snakken naar steeds nieuwe ontploffingen. We worden van jongs af aan aangeleerd om zoet en zout lekker te vinden: welke WWF-dieren er in m’n pakje Kellog’s  zaten, was elke keer een leuke ontdekking. 

Die strijd begint niet alleen van jongs af aan, maar wordt ook altijd & overal gevoerd. In een stad worden aan elke hoek van de straat ongezonde maaltijden of snacks aangeboden. Tegelijk ontstaan er voedselwoestijnen, omgevingen in meestal armere buurten waar geen onbewerkt voedsel te koop is. 

We moeten niet alleen de schuld leggen bij de voedselindustrie. Als samenleving zijn we ook veranderd: onze huishoudens worden steeds kleiner en onze leven steeds drukker. We kiezen daarom steeds vaker voor (ultra)bewerkt voedsel omdat het snel klaar is. Alleen is dat ultra bewerkt voedsel ongezond.

Hoe geraken we uit die ongezonde eetcultuur? 

churros

Uit de strijd tegen tabak kunnen we leren dat er op vele fronten moet gestreden worden: prijsbeleid, communicatie, ingrepen in de publieke ruimte, etc. Niet alles is over te nemen in de strijd tegen obesitas. Tabak is een duidelijke categorie en elke sigaret is ongezond. Maar zowel in fruit als koekjes zitten suikers om maar één iets te zeggen.

Terwijl we tabak moeten bannen, moeten we opnieuw dichter bij ons voedsel komen.

Dichterbij ons lichaam: In Knokke vinden ze – misschien terecht- blote buiken wansmakelijk in de tearoom, maar we moeten terug naar ons lijf durven kijken en luisteren naar wat het nodig heeft. Maar, ik hoor je al zeggen dat je lijf hunkert naar een nieuw pakje koekjes? We moeten ons lijf ook heropvoeden:  nieuwe smaken leren kennen, en eens verder vragen: waarom wil je nu een nieuw pakje koekjes? Omdat je lege calorieën gegeten hebt, omdat je je verveelt, of omdat je er echt oprecht zin in hebt.

Dichterbij ons voedsel Bij het ontbijt vraagt een kind aan zijn ouder: waar komt ons eten vandaan? Het antwoord is vandaag niet eenvoudig te vertellen. In een potje choco vind je Tukse Hazelnoten, Maleisische palmolie, Nigeriaanse cacao, Braziliaanse suiker en chinese vanille. An sich is dat niet problematisch. In België vinden we geen cacao of vanille. Maar omdat de productieketen zo ingewikkeld is, staan we niet stil bij habitatvernietiging voor palmolie of de mensonterend tewerkstelling in de cacao industrie. 

Een korte keten is niet per se duurzamer, maar je voelt je als eters sneller betrokken bij het volledige proces, en je zal vragen durven stellen.

gezond voedsel dichterbij ons. Gezond voedsel moet toegankelijk zijn voor iedereen, altijd. Toegankelijk in de vorm van prijs, maar ook andere barrières moeten sneuvelen. De publieke ruimte moet gezond worden. Niet alleen moet het bewegen aantrekkelijk maken, maar we moeten ook de vraag durven stellen hoeveel fastfoodrestaurants we in onze stations willen.

Een gezond dieet begint bij gezonde bodem

De strijd tegen obesitas is een strijd tegen de agro-industrie. Dat landbouwmodel dat de biodiversiteit vernietigt en de boeren uitbuit, heeft ons ook vervreemd van ons voedsel. Net zoals die industrie, kunnen wij als burgers ook samen een nieuwe voedselcultuur vormgeven, opnieuw in eigen handen nemen wat ons ontnomen is. We kunnen een beleid eisen, met ondersteuning in de volledige keten voor gezonde en duurzaam voedsel, een aanwezigheidspolitiek die mensen verleidt om gezond te blijven eten & een narratief dat voorbijgaat aan de nutriënten. Coca-cola maakt vooral reclame over hoe gezellig en fris cola is. Een gezond dieet is niet de strijd van duizenden individuen, het is een strijd van de samenleving.

  

Geef een reactie