Ga naar de inhoud

De voorbije dagen zag ik op sociale media een stroom aan beelden die me niet meer loslaten. Boeren die om vier of vijf uur ’s ochtends opstaan om nog te kunnen wieden voordat de zon genadeloos begint te branden. Creatieve constructies waarbij partytenten worden omgebouwd tot verplaatsbare schaduw boven landbouwmachines, zodat er toch nog veilig gewerkt kan worden. Kwekers die extra water geven aan jonge plantjes in de hoop dat ze de dag doorkomen.

En tussen die foto’s verschenen ook de eerste aubergines, paprika’s en andere typische zomergroenten. Het lijkt leuk, de zomer is precies echt begonnen… Maar eigenlijk is er weinig leuks aan.

Voor de meesten onder ons betekent een hittegolf een paar dagen puffen, de rolluiken dichthouden, een ventilator zoeken of verkoeling zoeken aan het water. Voor landbouwers betekent zo’n periode veel meer. Het is elke dag opnieuw rekenen: hoeveel water is er nog? Welke teelten overleven? Kunnen we nog werken zonder onze gezondheid op het spel te zetten? Wat doet deze hitte met de oogst van morgen?

De hitte gaat verder wanneer wij thuiskomen van ons werk. Ze werkt dag en nacht door in de bodem, in de gewassen en bij de dieren. Jonge planten drogen uit, bodems verharden, gewassen groeien trager of verbranden letterlijk op het veld. Dieren ervaren hittestress en produceren minder. Elke extra graad laat zich voelen in de portemonnee van de boer, maar uiteindelijk ook op ons bord. En dit is geen uitzonderlijk jaar meer.

Wat vroeger een extreme zomer was, dreigt steeds vaker de nieuwe realiteit te worden. De landbouw bevindt zich in de frontlinie van de klimaatverandering. Landbouwers zijn niet alleen slachtoffers van extremer weer, ze zijn tegelijk ook een essentieel deel van de oplossing. Wie investeert in gezonde bodems met meer organische stof, in bomen op en rond akkers, in agro-ecologische teeltsystemen, in water vasthouden in plaats van afvoeren, bouwt mee aan een landbouw die beter bestand is tegen droogte én hevige regen. Maar dat kunnen landbouwers niet alleen.

We hebben een beleid nodig dat hen ondersteunt in die omslag. We hebben consumenten nodig die begrijpen dat een eerlijke prijs ook betekent dat boeren kunnen investeren in een weerbare toekomst. En we hebben een samenleving nodig die beseft dat voedsel niet vanzelfsprekend is. Want achter elke tomaat, elke aardappel of elke aubergine die vandaag in de winkel ligt, zit iemand die zich aanpast aan een klimaat dat steeds grilliger wordt.

Wanneer we dus zuchten dat het alweer zo warm is, denk ik aan die beelden van de voorbije dagen. Aan boeren die nog voor zonsopgang op het veld staan. Aan geïmproviseerde schaduwconstructies. Aan plantjes die nét genoeg water krijgen om te overleven.

Een hittegolf is niet zomaar een paar warme dagen. Ze is een aanslag op onze landbouw en op de mensen die ons elke dag van voedsel voorzien.