Een met water verzwaarde kippefilet (lees vleeskuiken van 40 dagen), een opgeblazen vleestomaat, flauwe ijsbergsla het jaar rond, een sponzig wit brood… We kunnen de tonnen smaakloze “voeding” niet meer aan. Alles wijst erop dat de tijd rijp is voor de revolutie van de smaak!

Van de 7000 plantensoorten die gebruikt worden voor menselijke consumptie, zijn er ongeveer 200 gedomesticeerd sinds de landbouw ontstond 12.000 jaar terug. Van deze 200 zijn er 12 die instaan voor driekwart van onze plantaardige calorie-opname:  bananen, bonen, cassava, maïs, gierst, aardappel, rijst, sorghum, soja, suikerriet, zoete bataat en tarwe. Wat dierlijke proteïnen betreft, komt meer dan 95% van de kippen, runderen en varkens. Vandaag staan 15 planten- en 8 diersoorten in voor 90% van onze voedselvoorziening. Dat is niet zoveel, maar binnen elk van deze gedomesticeerde soorten zijn er vaak enorm veel cultuurvariëteiten. Van tarwe bijvoorbeeld 25.000, van schapen 1300, van karper meer dan 20; deze noemt men ook wel de ‘landrassen’, die zijn eeuwenlang veredeld in verschillende continenten, door tal van lokale boeren. Ze evolueerden zo mee met het klimaat, met de landbouwmethoden, met de lokale bodems en… de lokale smaak.

Deze enorme agro-biodiversiteit staat nu sterk onder druk: de uniformisering van de landbouwproductie heeft hier in belangrijke mate toe bijgedragen. Machtsconcentratie bij enkele multinationale zaadproducenten veroorzaakt een ongeëvenaarde genetische erosie van ons smaakpatrimonium. Bovendien wordt het “recht” van boeren om zaad te bewaren en opnieuw in te zaaien door de machtige zaadlobby steeds verder afgebouwd.

Wervel wil dit probleem in de kijker plaatsen tijdens de Week van de Smaak

De tegenbeweging die nodig is om ons patrimonium te bewaren krijgt ondermeer in Frankrijk vorm door talrijke boeren, verenigd in het Réseau Semences Paysannes (RSP). Zij halen op dit moment de frigo’s leeg waarin het Franse landbouwonderzoeksinstituut INRA veel van de agro-biodiversiteit (de ‘landrassen’) bewaart. Nicolas Supiot, graanteler-bakker, ziet samen met meer en meer anderen wereldwijd, in deze agro-biodiversiteit de sleutel tot gezondere landbouwmethoden, die de boer, het milieu en niet in het minst de smaak van onze voeding ten goede komen. “Want,” aldus Supiot, mede-oprichter van RSP: “de agro-industrie heeft ervoor gezorgd dat de zaden sinds de ‘groene revolutie’ langzaam maar zeker werden omgevormd om aan de vereisten van een industrieel productie- en verwerkingssysteem te voldoen. Wat daarmee samenhing was de afhankelijkheid van hoge kunstmestgiften, maar daar worden noch boer noch leefmilieu noch consument beter van. De boer komt in een afhankelijkheidspositie te staan, vermits hij het recht niet heeft om eigen zaad te gebruiken: hij moet dit elk jaar aankopen. Het milieu verliest kwaliteit door watervervuiling, erosie, verlies van organische materie en (agro-)biodiversiteit. En de consument tenslotte krijgt een product waarvan reeds voldoende werd aangetoond dat smaak en voedingswaarde stelselmatig achteruitgaan.”

Op maandag 20 november stelt Wervel haar Campagne Denk Globaal Eet Lokaal voor in ELAN, Vooruitgangstraat 333 te 1030 Brussel tussen 12 en 14 uur. ELAN is één van de restaurants in Vlaanderen en Brussel, die vanaf die dag een Wervelsnack op het menu plaatst… Korte keten, seizoensgebonden, lokale productie, km.kg concept en vooral smaakvol eten, zijn de sleutelwoorden. Tijdens de daaropvolgende week toeren de wervelkoks door de provincies. Voor een uitgebreid overzicht klik hier.

De tegenbeweging die nodig is om ons patrimonium te bewaren krijgt ondermeer in Frankrijk vorm door talrijke boeren, verenigd in het Réseau Semences Paysannes (RSP). Zij halen op dit moment de frigo’s leeg waarin het Franse landbouwonderzoeksinstituut INRA veel van de agro-biodiversiteit (de ‘landrassen’) bewaart. Nicolas Supiot, graanteler-bakker, ziet samen met meer en meer anderen wereldwijd, in deze agro-biodiversiteit de sleutel tot gezondere landbouwmethoden, die de boer, het milieu en niet in het minst de smaak van onze voeding ten goede komen. “Want,” aldus Supiot, mede-oprichter van RSP: “de agro-industrie heeft ervoor gezorgd dat de zaden sinds de ‘groene revolutie’ langzaam maar zeker werden omgevormd om aan de vereisten van een industrieel productie- en verwerkingssysteem te voldoen. Wat daarmee samenhing was de afhankelijkheid van hoge kunstmestgiften, maar daar worden noch boer noch leefmilieu noch consument beter van. De boer komt in een afhankelijkheidspositie te staan, vermits hij het recht niet heeft om eigen zaad te gebruiken: hij moet dit elk jaar aankopen. Het milieu verliest kwaliteit door watervervuiling, erosie, verlies van organische materie en (agro-)biodiversiteit. En de consument tenslotte krijgt een product waarvan reeds voldoende werd aangetoond dat smaak en voedingswaarde stelselmatig achteruitgaan.”

Klik op de foto om het fimpje (30 min.) te starten.

Geef een reactie